Houtsoorten vurenhout

 

In dit hoofdstuk zullen we verschillende houtsoorten beschrijven. Achtereenvolgens zullen de volgende houtsoorten behandeld worden:

  • Naaldhoutsoorten:
    • Europees vuren;
    • Europees grenen

 

  • Loofhoutsoorten:
    • Eiken (niet tropisch);
    • Beuken (niet tropisch);
    • Rode meranti (tropisch).

 

Van elke houtsoort worden de handelsnaam, het groeigebied en de boomsoort genoemd. Verder wordt ingegaan op kenmerken van de houtsoort zoals kleur, tekening, duurzaamheid en bewerkbaarheid van het hout.

Het is aan te raden tijdens het bestuderen van de verschillende houtsoorten een monsterstukje bij de hand te houden.

 

Naaldhoutsoorten

De naaldhoutsoorten zijn te verdelen in Europese en Amerikaanse Naaldhoutsoorten. In dit hoofdstuk komen twee Europese Naaldhoutsoorten aan de orde:

  • Europees vuren;
  • Europees grenen;

Europees vuren

Handelsnamen vuren

In de handelsnamen van vuren wordt veel verwezen naar de herkomst. Bijvoorbeeld: Centraal- en Noord-Europees vuren. Centraal-Europees vuren wordt ook wel Midden-Europees vuren genoemd. Vuren uit dit gebied kan ook naar het land worden vernoemd: Duits-, Oostenrijks-, Pools-, Russisch-, en Inlands-. De laatstgenoemde komt uit ons eigen land. Noord-Europees vuren kan worden verdeeld in Noors-, Zweeds-, Fins- en Russisch vuren.

Boomsoort

Europees vuren is afkomstig van de fijnspar. De fijnspar wordt in heel Nederland gebruikt al kerstboom. Hiervoor worden jonge bomen gebruikt. De volwassen boom wordt gemiddeld wel 35 meter hoog. In deze grote afmeting is de fijnspar geschikt voor de houtwinning. De fijnspar is te herkennen aan de alleen geplaatste naalden.

Groeigebied

de fijnspar groeit in Europa en Noord-Siberië.

Kleur

Er is geen kleurverschil tussen kern- en spinthout van Europees vuren. In verse staat kan de kleur van het hout variëren van bijna wit tot bleek geelbruin. Langdurig blootstelling aan licht en lucht laat het hout wat mee geelbruin verkleuren.

Tekeningen

Het hout bezit over het algemeen vrij duidelijk en scherp afgebakende groeiringen. Op het kopse vlak is het kleurverschil tussen het lichte voorjaarshout en het was donkerder najaarshout goed zichtbaar. Vuren is een naaldhoutsoort en bezit dus geen hout- en bastvaten. Er zijn dus ook geen poriën zichtbaar. Langzaam gegroeid vuren, met smalle groeizones, is kwalitatief beter dan snel gegroeid vurehout met brede groeiringen. Langzaam gegroeid vuren komt uit koudere streken, zoals Scandinavië, Rusland en de hoger gelegen streken in Midden-Europa. Het vurehout dat uit de warmere, lagere streken van Midden-Europa afkomstig is, heeft meestal bredere groeiringen.

Duurzaamheid

Vuren behoort tot de weinig duurzame houtsoorten. De duurzamheidsklasse van het kernhout is 4 (5 tot 10 jaar).

 

 

Bewerkbaarheid

Vuren laat zich gewoonlijk zowel met de hand als machinaal gemakkelijk bewerken. De bewerkbaarheid wordt beïnvloed door:

  1. De conditie van de kwasten. Harde kwasten kunnen bij het bewerken moeilijkheden veroorzaken. Tijdens het schaven kunnen stukjes uit de snijkant van het gereedschap breken. Hierdoor ontstaat op het geschaafde oppervlak de zogenaamde kralen of scharren. Bij zagen en schaven van droog hout kunnen losse kwasten gemakkelijk uitvallen.
  2. Het aantal kwasten. Vurehout kan veel kwasten hebben. Kwasthout is veel harder dan het omringende hout. Het hout ronde de kwast is vaak warrig.
  3. De breedte van de groeiringen. Zwaarder hout (hout met smalle groeiringen) zal meer van de scherpte van de beitels vergen dan het lichtere hout.

Vuren kan zelfs gemakkelijk tot een soepel en stevig fineer worden verwerkt.

Hoewel er enige neiging tot splijten bestaat, kan vurehout goed worden genageld en geschroefd. Lijmen en de gebruikelijke oppervlakte-afwerkmethode leveren geen moeilijkheden op.

Toepassing vurenhout

Vuren is een houtsoort die voor veel doeleinden wordt gebruikt. van alle naaldhoutsoorten zal vuren de houtsoort zijn die het meest in handen krijgt.

In de eerste plaats wordt vurehout voor bijna alle soorten bouwhout gebruikt. enkele toepassingen zijn: balklagen, vloeren, rachels, trappen, kozijnen, ramen en deuren, betimmeringen, kasten en kastplanken, steigerpalen, stellingdelen, heipalen en stutten. Spaanderds van vuren worden verwerkt tot spaanplaat. Het fineer van vuren kan worden verwerkt tot verschillende kwaliteiten triplex. De kwaliteit van de triplex hangt voor een belangrijk deel af van de kwaliteit van het fineer.

vloerhout vuren

vurenhouten vloer